Een beter milieu begint met staal

Een beter milieu begint met staal

Een beter milieu begint met staal

Een beter milieu begint met staal

Een beter milieu begint met staal

Bouwemissietool gelanceerd
TNO introduceert de TNO Bouwemissietool, een zelf ontwikkelde rekentool voor snel inzicht in schadelijke emissies bij uitvoering bouwprojecten.
Daling CO2-emissies zet door, maar minder sterk
Ook het afgelopen jaar is de uitstoot van broeikasgassen in Nederland, waaronder kooldioxide, wederom afgenomen. De daling is echter minder groot dan vorig jaar, melden het CBS en het RIVM.
Steun voor verduurzamen maatschappelijk vastgoed
Aankomende maandag 3 juni luidt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) de derde ronde in van de subsidieregeling Duurzaam Maatschappelijk Vastgoed (DUMAVA).
Veiligheid voorop bij energietransitie
Bij de overstap op duurzame energie behoort veiligheid meer prominent te zijn, laat het Staatstoezicht op de Mijnen weten in haar jaarverslag 2023.
Groen licht voor Groeien met Groen Staal
Het nationaal programma Groeien met Groen Staal heeft de officiƫle goedkeuring van RVO in de wacht gesleept.
Eisen en bepalingsmethode MPG op de schop
De rijksoverheid gaat fikse wijzigingen doorvoeren in de eisen en de rekenmethode voor de materiaalgebonden milieuprestatie van gebouwen (MPG).

Licht bouwen

Kunstencentrum De Kunstlinie, Almere (SANAA).

Over het algemeen wordt licht bouwen gezien als gunstig vanwege de materiaalbesparing. Minder materiaal zorgt voor minder 'embodied energy' van het gebouw. Daarentegen zou zwaarder bouwen voordeliger zijn voor het verwarmen en koelen van het gebouw. De 'operational energy' valt lager uit en daarmee is de relatief grotere hoeveelheid embodied energy te compenseren of zelfs te nivelleren.

De werkelijkheid is echter genuanceerder dan de veronderstelling. Soms is licht bouwen energiezuiniger, dan weer zwaar bouwen. De energiezuinigheid van een gebouw in de gebruikfase is immers van vele (f)actoren afhankelijk; het klimaat, de omgeving, de ligging en projectering, de gebouwfunctie, de bezettingsgraad, om maar enkele parameters te noemen. (Lees ook het artikel uit het vakblad Bouwen met Staal, te vinden in de downloads.)

Bovendien bestaat de totale operational energy van een gebouw voor slechts 30% uit energie voor koelen en verwarmen. Uitsluitend dit deel wordt beïnvloed door het (thermisch) gewicht van het gebouw. Energiebesparing door zwaar(der) bouwen kan dan ook nooit meer zijn dan die 30%.

Energieverbruik in een kantoorgebouw; verwarmen/koelen heeft hierin een aandeel van 34%.